Ik ben Vlissingen

Regelmatig portretteer ik onder mijn twitteraccount @helgeprinsen in zeven tweets een Vlissinger op straat. Wekelijks verschijnt er ook een portret in de Vlissingse Bode.

Ineke van der Horst

Ineke van der Horst (66). Single. 3 kinderen. Opgegroeid in Vlissingen. Zat op kantoor, in de verpleging, in de horeca, had een winkel. Werkt sinds 2003 in een sauna in Gent.

“Het eerste wat Vlissingen bij mij oproept is de zee natuurlijk. Ja, de zee. Je thuisvoelen. Thuiskomen. Dat vooral. Met andere plaatsen is niks mis, maar het is geen Vlissingen.”

“Hier ligt mijn verleden. Alles wat ik ben. En wat ik ook niet ben. In Vlissingen ben ik gévormd en mísvormd. Maar het moet een luchtig stukje worden. Vul het zelf maar in.”

“Wat ik graag doe? Ik doe heel veel heel graag, waardoor ik soms ook niks doe. Ik verheug me weer op het filmfestival dat eraan komt. Daar ben ik al een paar jaar vrijwilliger.”

“Op dit moment ben ik hard aan het klussen in m’n nieuwe huis waar ik helemaal blij van word. Ik loop al te glimlachen sinds ik weet dat ik binnenkort weer in Vlissingen woon.” 

“Een flat waar ik de zee kan zien. De schepen komen op vijftig meter afstand voorbij. In elk geval wil ik nog een poosje blijven werken. Ook oppassen op mijn kleinkinderen.” 

“En ik ben zwaar van plan om een boek te schrijven. Ben er al eens aan begonnen. Het moet klaar zijn voordat iedereen dood is die mij kent. Anders denkt iedereen dat ik lieg.” 

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Ineke Delvoye

Ineke Delvoye (81). Samenwonend, 3 dochters. Geboren in Vlissingen. Oud-onderwijzeres. Haar ouders hadden in het Groenewoud een manufacturen- en kinderwagenwinkel.

“Gespen. Allerlei lint. Bontkraagjes. Knopen. Op ieder doosje zat een voorbeeld genaaid. Dat deed mijn oma. Achter de ramen op de eerste etage stonden de kinderwagens.”

“Een Winkel van Sinkel eigenlijk. Groot en diep. Op zolder verstoppertje spelen tussen de dozen daar. Spannend. In 1944 zag je de Canadese soldaten door de straat lopen.”

“In de Noordstraat was een zijstraatje dat bij het Zeemanserve uitkwam. Dat was toen helemaal ingesloten. Doodeng vond ik dat. Toch keek ik altijd stiekem onder de poort.”

“Later werd ik onderwijzeres, maar als je trouwde werd je ontslagen. Mijn overleden man had platen- en witgoedzaak Meulmeester in de Sint Jacobsstraat. Daar heb ik jaren gewerkt.”

“De Delvoye’s waren Hugenoten. We wonen al generaties in Vlissingen. Ook mijn dochters. Ons huis heeft een fijne, grote tuin die al lang in de familie is. Vlak bij de oude winkel.”

“Een bekende Vlissingse gevel met dat gietijzer. Jammer dat het zo geroest is. Vaak zie ik daar mensen kijken en praten. Dan loop ik erheen en hoor je hele verhalen van vroeger.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Maurice Olree

Maurice Olree (53). Samenwonend. Geboren in Rotterdam. Woont sinds 2005 in Vlissingen. Van beroep goudsmid. Is sinds kort chauffeur bij het Nederlands Loodswezen.

“Oud-cafébaas Ad van de Woestijne was mijn voorganger. Loodsen halen en brengen. Twee- of driemaal per etmaal. Zo’n 400 km. Het hele havengebied tot en met Antwerpen.” 

“In 2015 heb ik samen met Brian van Elsen het ‘700 Vlissingen Bier’ geïntroduceerd. We begonnen met het ontwerpen van een etiket. Later kwamen er ook glazen en viltjes.”

“Noem het maar ons burgerinitiatief. In het kader van Vlissingenpromotie. Een uit de hand gelopen hobby. Inmiddels hebben we drie soorten. Alleen in Vlissingen te koop.”

“Ja, Vlissingen is een no nonsense-stad hè. Je zit overal dichtbij. Je hebt strand en land. Een stad met mogelijkheden, hoewel dat niet altijd goed wordt uitgewerkt vind ik.”

“Uitgaan doe ik eigenlijk niet meer. Af en toe een terrasje en elke week gaan we uit eten. Ook in de winter is het leuk hier. Dan ben je echt met de Vlissingers onder elkaar.” 

“M’n goudsmidspullen heb ik nog allemaal. Zou zo weer kunnen beginnen. Maar op die baan bij het Loodswezen heb ik lang zitten azen. Leuker werk kan ik niet bedenken.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Mi Saïbouã

Mi “Moes” Saïbouã (73). Getrouwd, 4 kinderen. Geboren in Casablanca, Marokko. Oud-timmerman, -kraanmachinist en -transportmedewerker. Kwam in 1969 naar Vlissingen.

“Met veertig andere Marokkanen kreeg ik een contract bij AWN, een Frans-Nederlands bouwbedrijf in Scheldepoort. We woonden in barakken. En hadden een Marokkaanse kok.” 

“Ik had het meteen naar m’n zin. Leerde Nederlands. In 1986 kwamen mijn vrouw en kinderen over. Heb nooit m’n hand hoeven ophouden. Bij De Schelde heb ik 38 jaar gewerkt.”

“Wat ik graag doe is kaarten. Op m’n werk deden we altijd “bieën”. Hier is bieën anders dan in Goes. Daar spelen ze drie boeren. Wij vier boeren. Nu klaverjas ik alleen nog maar.”

“Vlissingen is echt goed gezellig geweest. Dat is wel wat minder geworden. Heb geen stamkroeg. Vroeger had je de Vic, La Cave, De Schuur, Scaldis, Amstelhoek. Dat soort cafés.” 

“Ben altijd een man van de zee geweest. Ik fiets veel. Overal naartoe op Walcheren. En vaak kijken naar VC Vlissingen. 4000 man publiek toen ze nog in de hoofdklasse speelden!”

“Zo is mijn leven in Vlissingen voorbijgegaan. In het begin ging ik elk jaar terug naar huis. Later niet meer. Maar uiteindelijk zullen mijn vrouw en ik in Casablanca begraven worden.” 

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Marieke van Asten

Marieke van Asten (70). Getrouwd, 1 zoon. Geboren in Tilburg. Oud-communicatie-adviseur. Verhuisde na haar pensionering in 2011 van Amsterdam naar Vlissingen.

“Ik kende Vlissingen al van vakanties in mijn jeugd. Ben snel geïntegreerd. Bridgeclub. Vrijwilliger bij Panorama Walcheren. En als rolstoelgebruiker lid van de burgerschouw.”

“Twintig jaar geleden heb ik door een meningokokbacterie mijn benen verloren en de meeste vingers. Ook mijn nieren. Gelukkig heb ik een donornier van mijn zus gekregen.”

“Voordat ik ziek werd deed ik aan hardlopen en fietsen. Buiten zijn is zo heerlijk. De wind die je in Vlissingen altijd door je haren voelt. Wandelen met de hond door de duinen.” 

“Op cultureel gebied vind ik bijvoorbeeld het Kunstpark Vlissingen geweldig. Mijn lievelingsbeeld is ‘Rustpunt Vlissingen’ van Blok en Lugthart: de liggende vrouw op de bank.”

“Hopelijk wordt de Coosje Buskenstraat snel opgeknapt na het veranderen van de rijrichting. Met nieuwe tegels en een nieuw wegdek. Een toegang met allure naar de zee.”  

“Natuurlijk heb ik wel eens gedacht waarom dit juist míj heeft moeten overkomen. Maar al met al ben ik meer van het leven gaan houden. Ieder grassprietje is zelfs mooi.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Jan Beckers

Jan Beckers (66). “Begeerde vrijgezel”, 1 dochter. Geboren in Pijnacker. Kwam in 1982 voor de liefde naar Vlissingen. Twaalf ambachten, dertien ongelukken.

“Handel in violen en muziekinstrumenten. Scharenslijper. Marktkoopman. Huisschilder. Tomatenplukker. Rozenknipper. Antiekhandelaar. Croupier. Journalist.”

“Twee wapenfeiten: ik heb een boek geschreven over de vervolging van de zigeuners in de oorlog. En de Molukse zaak aanhangig gemaakt bij de Nederlandse staat.” 

“Vlissingen vind ik een fantastische stad. Met de Scheldestraat als hoogtepunt van onze winkelstraten. Die verscheidenheid aan culturen. En voedsel in grote variëteit.”

“Ben sowieso voor een multiculturele samenleving. Mensen komen terug van vakantie met geweldige verhalen, maar thuis kijken ze anders tegen diezelfde mensen aan.” 

“Ik ga om met Surinamers, Marokkanen, Ethiopiërs, Turken, Sinti, Roma, noem maar op. We zijn tenslotte allemaal mensen en we houden allemaal van onze kinderen.”

“Die getatoëerde stip onder mijn linkeroog komt van de Sinti. Ik heb samen met hen gereisd. Weet je, het belangrijkste om voor te leven is een cliché. Dat is de liefde.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Lunven Vermeer

Lunven Vermeer (36). Samenwonend, 4 kinderen. Geboren in Paramaribo, Suriname. Woont sinds 1985 in Vlissingen. Initiatiefnemer in Zeeland van Voetjebal.

“Een landelijk sport- en spelconcept voor kinderen tussen 2-6 jaar. Ook clinics op scholen en BSO’s. Krijg veel warmte en waardering van de kinderen en ouders.”

“Zelf was ik als kind altijd aan het voetballen. Bloemenlaan. Ravesteynplein. Calandstraat. Mijn jeugd heb ik doorgebracht in de ‘beruchte’ Bonedijkestraat.”

“Nu wonen we in de Breewaterstraat. In de oude jeugdherberg. Met de mooiste voordeur van Vlissingen. Een monumentale poort. Toeristen maken er foto’s van.”

“Vroeger heb ik me vaak gediscrimineerd gevoeld. In Tholen hebben ze me wel eens katoenplukker genoemd. Echt waar. Tegenwoordig ben ik de rust zelve, als puber niet.”

“Surinamers staan bekend om te laat komen. Maar daar heb ik helemaal niks mee. Ben altijd op tijd. Afspraak is afspraak. En ik spreek de ouderen met ‘u’ aan.”

“Zie je die stapel tekeningen en souvenirs? Gekregen van mijn leerlingen. Voetjebal geeft zoveel voldoening. Mijn doel is om het nog groter te maken in Zeeland.” 

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Bep Jansen

Bep Jansen (91). “Ik had liever dat ze me Elisabeth noemen, maar dat is nooit gelukt.” Single. Geboren in Leiden. Was van 1963 tot 1989 kinderarts in Vlissingen. 

“Daarnaast deed ik het zuigelingen- en kinderbureau in Vlissingen en Souburg. Zo kende je 80% van de Vlissingse kinderen. Ik heb altijd enorm genoten van mijn werk.”

“Je bleef dag en nacht in het ziekenhuis bij een doodziek kind. Dat was normaal in die tijd. Om de week had je een weekend vrij. Voor de rest gewoon 24-uurs dienst.”

“Ik heb het nog steeds druk. Boeken, kranten, vaktijdschriften. Twee gespreksclubjes. Een leesclub. Een biljartclubje. Cryptogrammen. Bridgen. De tuin bijhouden.”

“Per dag probeer ik één tot drie uur te lopen. Een paar jaar geleden zwom ik in de zomer nog dagelijks twee keer in zee. Op het Badstrand had ik een badhokje.”

“Ik woon nog zelfstandig. Wil niet afhankelijk zijn. Als de buren op vakantie zijn, geef ik de bloemen in hun tuin water. En brokjes aan de poes van de andere buren.”

“Nou ja, goed. Die dingen dus. Heb ook nog eindeloos computerles gehad, maar die meneer zei: stop er maar mee, want je hebt er totaal geen gevoel voor. Hahaha.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Hendrikjan Mabélis

Hendrikjan Mabélis (65). Samenwonend. Geboren in Amersfoort. Had altijd al een “onbedwingbare hang” naar mode en styling. Begon in 1980 een modezaak in Vlissingen.

“M’n oma kwam hier vandaan. En de zee trok me aan. De eerste vijf jaar ’s avonds en ’s zondags alleen maar jurken gemaakt. Al heel snel had ik een trouwe schare van klanten.”

“Trends in de mode bestaan niet echt meer. Weet je wel, dat iedereen bijvoorbeeld maxi of mini ging dragen. Alles kan en mag nu. Qua stofjes, kledingstijlen en ontwerpen.”

“Vlissingen is een rock ’n rollstad voor mij. Iedereen telt mee. Arm. Rijk. Oud. Jong. Ziek. Verslaafd. Knettergek. Leuk. Dat is wat ik het allermooiste aan Vlissingen vind.”

“Ik heb vijf rotjaren achter de rug. In diverse opzichten. Maar ze hebben me het inzicht gegeven dat je de verkeerde kant oploopt als je het leven als tegenwind ervaart.”

“Maison Bollen van Zwienen is veertig jaar gevestigd geweest in Sint Jacobsstraat 9. En ik nu ook veertig jaar. Het is genoeg geweest. Na dit seizoen stop ik met de winkel.” 

“Dan ga ik in Spanje wonen. Eerst eens boeken lezen. Me spiritueel ontwikkelen. Ik wens van ganser harte iedereen in Vlissingen een warme omarming toe voor de toekomst.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Luana Goetheer

Luana Goetheer (58). Weduwe, 2 kinderen. Heeft een relatie. Geboren in Vlissingen. Coördinator social media bij de Provincie Zeeland. Opgegroeid in Walstraat-Zuid.

“Ik kom uit een echte middenstandsfamilie. Mijn ouders hadden daar ooit de eerste toko van Zeeland, Exotica genaamd. Een levendige en gezellige straat toen.”

“Vlissingen is fijn. En raar. En gek. Helaas zitten we te vaak in de hoek waar de klappen vallen. Overstromingen, beschietingen, vijandelijke overnames, economische crises.”

“Mijn hart bloedt wel een beetje als ik foto’s zie van de verdwenen Hooikade, Pottenkade, Noordstraat en de demping van het Bellamypark. De kleine straatjes.”

”Met Vlissingen heb ik vaak een lastige verstandhouding. Het gemeentebestuur heeft niet altijd de juiste keuzes gemaakt. Zoals het Scheldeplein en de Lange Zelke.”

“Ik zeg: overkapping weg, grote bomen erin en bankjes eronder. Andere bestrating. En de zestiger jaren gevels met de mozaïeken opknappen en laten shinen.”

“Kijk, we zijn natuurlijk een havenstad. Niet zo braaf en afgepast. Een goeie mix. En er is hier altijd ruimte om dingen uit te proberen. Daarom hou ik van Vlissingen.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen