Ik ben Vlissingen

Regelmatig portretteer ik onder mijn twitteraccount @helgeprinsen in zeven tweets een Vlissinger op straat. Wekelijks verschijnt er ook een portret in de Vlissingse Bode.

Peter Bootsgezel

Peter Bootsgezel (64). Getrouwd, 2 kinderen. Geboren in Vlissingen. Langstzittende ondernemer van Vlissingen in dezelfde zaak: familiepark ‘De Kanovijver’ in het Nollebos. 

“Een stukje levenswerk. We waren pubers toen we dit in 1973 kochten. Laagdrempelig. Voor iedereen. Vlissingers. Toeristen. Wandelaars. Fietsers. Sporters. Kinderen. Ouderen.”

“We willen vernieuwen, maar je weet hoe lang deze kwestie over het Nollebos al loopt. Bedoeling op ons terrein is een stukje nieuwbouw met boven een aantal vakantieappartementen.”

“Er zijn te weinig overnachtingsplekken in Vlissingen. In de binnenstad is veel leegstand. Ik vind het onbegrijpelijk dat bij ‘t Gat op de Kleine Markt toch winkelruimte moet komen.”

“Mijn speelterrein vroeger was de Grote Markt. Met daarachter de oude kazerne. Toen hadden we er tenminste nog een. Hahaha. Nu kunnen we ernaar fluiten. Absurd. Na al die jaren.”

“Hopelijk komt er bij ons wat schot in de zaak. Vrije tijd heb ik eigenlijk niet. Heb mijn hele leven hard gewerkt. Samen met mijn vrouw. De kinderen zijn in het bedrijf opgegroeid. ” 

“We hebben al veel pubers aan het werk geholpen en mee helpen opvoeden. De ouders weten niet wat ze zien. Hun kind aan het stofzuigen of opruimen. Dat geeft echt voldoening.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Leen Posthumus

Leen Posthumus (56). Getrouwd, 2 kinderen. Geboren in Capelle aan de IJssel. Kende Vlissingen niet, maar begon in 1986 als schoenmaker in een leegstaand pandje in de Walstraat.

“Schoenmaker is een oud ambacht. Een driejarige opleiding. 34 jaar geleden waren er nog 2000 in Nederland. Nu slechts vijfhonderd. Helaas is er weinig animo onder de jeugd.”

“Kinderen zitten juist altijd gefascineerd te kijken als ik aan het werk ben. Er is weinig veranderd aan dit vak. Hakken, zolen, verhogingen, binnenvoeringen, aanpassingen, etcetera.”

“Onze slogan: waardeer het, repareer het. Heel dankbaar werk. Dat je de mensen blij de deur ziet uitgaan. Sommigen komen terug om te laten zien hoe fijn hun schoenen weer lopen.”

“Vanaf het begin vond ik het leuk hier. Een groot dorp. De mensen kletsen op straat met elkaar. Dat gaf meteen een goed en gezellig gevoel. En mijn vrouw heb ik hier leren kennen.”

“We fietsen heel veel. Door Walcheren. Met het fietsvoetveer naar Breskens. Dan ben je zo in Knokke. Super. Op de fiets ben je je veel meer bewust van de schoonheid van ons land.” 

“Deze stad heeft goud in handen. Meeste zonuren. Strand. Bos. Een havenmentaliteit. Een grote mix van nationaliteiten. Geen twijfel over mogelijk: in Vlissingen wil ik oud worden.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Alice Boom-Aalders

Alice Boom-Aalders (88). Weduwe, 3 kinderen. Geboren in Apeldoorn. Woont sinds 1955 op de boulevard in Vlissingen. Haar man was zenuwarts en later praktiserend psychiater.

“Nee, zelf heb ik nooit gewerkt. Dat wilde mijn man niet. Ik had de kinderen, het huishouden en verzorgde de praktijk. Ik was de achterwacht hè. De telefoon ging voortdurend.”

“De mensen zeiden: goh, wat chic dat je op de boulevard woont. Dat heeft mijn uitstraling een positieve uitwerking gegeven. Tegelijkertijd krijg je het stempel ‘arrogant’ opgeplakt.”

“In het begin had ik heimwee. Je zag de straat, de stoep, het zand, het water. Maar waar was het groen? Mijn man zei: ik breng het naar je toe. En hij kocht een boshuisje voor me.”

“Uiteindelijk ben ik gaan houden van het vrije uitzicht hier. Bewondering ook voor de levendigheid en variatie van de zee. Dan weer glad, dan weer ruw. De reflectie van de zon erin.”

“Naar het strand ga ik nooit. Maar het is amusant om ernaar te kijken. In de zomer komen de mensen vroeg. Je ziet hoe ze achter elkaar hun plek innemen. Een soort choreografie.”

“Fietsen kan ik niet meer. Lopen gaat langzaam. Met de auto rij ik alleen nog in de buurt. Vervelen doe ik me nooit. Bridgen. Mensendieck. Leesclub. Ja, ik heb geboft in het leven.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Lianne van Belzen-Nieuwenhuize

Lianne van Belzen-Nieuwenhuize (49). Getrouwd, 4 kinderen. Geboren in Yerseke. Kraamverzorgende. Omdat onze provincie dunbevolkt is, werkt Lianne in alle delen van Zeeland.

“Ik ga altijd op de motor. Met een ooievaar als talisman. Mijn werk is mijn leven. Mensen vind ik interessant. En andere culturen en gewoonten. Je schuift zo bij iedereen aan tafel.” 

“Het is een onderbetaald beroep. Wij zijn professionals en deskundig op allerlei vlakken binnen de kraamzorg. Daarom ben ik actief in de vakbond. We hopen op een nieuwe cao.”

“Grootste verandering in die jaren is de versnelling van ons bestaan. Men heeft minder geduld. De baby moet meteen doorslapen. En het leven moet meteen weer worden opgepakt.”

“Slechts 6% van de vrouwen in Zeeland bevalt nog thuis. De rest in het ziekenhuis van Goes of Terneuzen. Dat zijn nu dus de geboorteplaatsen van de meeste Zeeuwse baby’s. Jammer.”

“Wij wonen op het Bastion. Rustig. Prachtig uitzicht. De trein. Het kanaal met de boten. Veel vogels. In de winter zien we de Lange Jan. Kortom: een heerlijkje plekje in Oost-Souburg.”

“2020 wordt bijzonder. Mijn man en ik worden vijftig. En ik ben dertig jaar bij dezelfde werkgever. M’n moeder zei: al die gezinnen waar je hebt gekraamd, dat is een dorp bij elkaar.” 

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Henk Geelhoed

Henk Geelhoed (62). Single. Geboren in Vlissingen. Woonde vanaf z’n 8ste in Oost-Souburg. “Sociaal gezien super leuk, maar ik had altijd heimwee naar de dynamiek van de stad.” 

“M’n speelterrein liep van de Vissershaven tot aan het Nollestrand. Altijd de hort op. Via de kazerne naar de boulevard en de glooiing. Vlissingen was eindeloos voor een kind.”

“M’n vader werkte bij de Schelde. De schepen waaraan hij werkte, zag je boven de huizen uitkomen. Ik hoor nog het gehamer van de klinknagels. Dat klonk over de stad uit.”

“Een werkstad. Het actief zijn heb ik van Vlissingen. Ben per toeval 45 jaar geleden in het kappersvak beland. Het verveelt nog steeds niet. We doen ook modeshows. Grimeren.”

“Zo rolde ik het toneel in. Eerst als speler. Later heb ik de regisseursopleiding gedaan. Relatiestukken met humor hebben mijn voorkeur. Humor is het voertuig van het drama.”

“Er zijn veel lieve mensen om me heen. Een leuk netwerk. Dat is rijkdom. We eten regelmatig bij elkaar. Zónder avondprogramma. Na het eten nog een kopje koffie en dan weg.”

“Ik woon in de Verkuyl Quakkelaarstraat. Hoe je de kracht van een oude wijk weer in een nieuw jasje kan steken. Met nieuwe bomen en al. Een voorbeeld van hoe het ook kan.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Betinho de Voogd

Betinho de Voogd (49). “Ik heb een Braziliaanse moeder”. Geboren in Buurmalsen (G). Woont vanaf 1992 in West-Souburg. Een van de drie eigenaren van rijschool ‘Rijbewijsteam’.

“Gemiddeld heeft men tussen de 25 en 40 lessen nodig om te slagen. Het rijden is intensiever en complexer geworden. Zo is gebruik van een GPS nu ook een verplicht onderdeel.”

“De lastigste plek in Vlissingen is bij de parkeergarage op het Spui. Smal wegdek. Auto’s, fietsers en voetgangers die linksaf slaan. En dan nog haaientanden en die vreselijke keien.”

“Rotondes zijn ook lastig voor de kandidaten. Kijk hier bij Baskensburg of die grote bij de Gamma. Van alle kanten komt er verkeer. Het is de laatste jaren veel drukker geworden.”

“Sinds een jaar zitten we op deze locatie. Zichtbaarder dan eerst. Meer klanten. Ik mag graag ondernemen binnen Vlissingen. Betrokkenheid met lokale ondernemers is belangrijk.”

“Verder ben ik actief als zwemcoach in het Vrijburgbad. Mijn dochter zwemt op NK-niveau. Met onze vereniging ‘De Zeeuwse Kust’ spelen we een grote rol in de Zeeuwse zwemwereld.”

“De boulevard is uiteraard dé eyecatcher van Vlissingen. De enige zuiderboulevard van Nederland. Ons kroonjuweel. Er gaat zowat geen dag voorbij of ik rij er met een cursist over.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Elizabeth Bastiaanse – de Boer

Elizabeth Bastiaanse – de Boer (105). Weduwe, 6 kinderen. Geboren in Rotterdam. Woont sinds 1929 in Zeeland waarvan 25 jaar in Vlissingen. Lid van de ‘club van 100-jarigen’.

“Een wetenschappelijk onderzoek van de Vrije Universiteit. De professor kijkt elk jaar of ik het nog wel een beetje doe. Ik mankeer niet veel hoor. Wat pufjes tegen de benauwdheid.”

“Koken doe ik zelf. Die afhaalprakjes lust ik niet. Beneden in het winkeltje haal ik de boodschappen. Ik zit op m’n rollator mijn biefstukje te bakken. En ook de aardappeltjes enzo.”

“De thuiszorg komt vier keer per dag. En ik heb een aantal leuke vriendinnen. We spelen vaak patience. Koppie thee erbij en wat lekkers. Bridgen doe ik alleen op de computer.” 

“Ik woon fantastisch. Ben binnen twee minuten met de scootmobiel op de boulevard. Kijken naar de schepen. En dan bij Michiel naar beneden om naar de binnenstad te gaan.”

“Met mijn kinderen, klein- en achterkleinkinderen heb ik gelukkig een goede verstandhouding. Als ik jarig ben, moet ik een zaaltje afhuren. Dan komt er altijd een man of veertig.”

“Ik ben gelovig. Dus de toekomst laat ik over aan Onze Lieve Heer. Elke dag tel ik mijn zegeningen. Dat ik op mijn leeftijd nog elke dag op mag staan. Hier zit een gelukkig mens.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Davor Corbijn

Davor Corbijn (45). Samenwonend. “750 kinderen”. Geboren in Vlissingen. Werkte in de (internationale) hotelwereld. Mede-eigenaar van APV Housing. ‘Accomodations and more’. 

“Met name buitenlandse studenten. 31 verschillende nationaliteiten. De meesten wonen in een kamer of studio op ‘Campus de Ruyter’ in een verbouwde vleugel van het ADRZ.” 

“Een zelfbedacht concept met allerlei faciliteiten zoals een fitnessruimte en een bioscoop. Ook organiseren we van alles daar buiten. Sinterklaas. Kerst. Doktersbezoek. Vervoer. ”

“In de stad hebben we eveneens studenten gehuisvest. Maar het centrum mist helaas een studentenkroeg en plekken waar ze overdag terecht kunnen om met elkaar te werken.”

“Zelf ben ik weer teruggekomen naar Vlissingen. Ondanks dat ik het druk had in Londen en Den Haag voelde ik me wel eens eenzaam. Hier zijn mijn roots. Hier voel ik me thuis.”

“In de toekomst willen we uitbreiden naar Middelburg. Op een steenworp afstand van Vlissingen. Voor internationale studenten is dat een endje van niks. Die fietsen heen en weer.”

“Heb een grote passie voor het werk. Mijn ervaring met 5-sterrenhotels helpt. Hele leuke dingen. Iedereen tevreden. Dat maakt mijn dag goed. Het gaat niet alleen om de centjes.”  

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Corné Karman

Corné Karman (39). Getrouwd, 2 kinderen. Geboren in Middelburg. Woont in Oost-Souburg. Timmerman/aannemer. Heeft sinds 2006 een eigen bouwbedrijf in Oost-Souburg.

“Mijn vader was ook timmerman. Het was al snel duidelijk dat de bouwopleiding het best bij mij paste. Het maken van mooie dingen met je handen. Daar gaat het bij mij om”. 

“Mijn hoofdmoot is particuliere klanten op Walcheren. Het lastigste is om te plannen. Nee verkopen is moeilijk. Je bent veel tijd kwijt aan het aannemen en opnemen van het werk.”

“Vlissingen is voor mij strand en zee. Mijn hobby’s liggen ook daar. Varen met mijn bootje. Een potje strandvoetbal. Erg jammer dat kitesurfen niet meer mag op de boulevard.”

“Daarvoor ga ik nu naar Zoutelande, Domburg of Vrouwenpolder. Die vrijheid die je dan voelt. Naast veel Zeeuwen komen daar ook altijd veel kitesurfers uit België en Duitsland.” 

“Wat de binnenstad betreft: zonde dat die niet meer is wat hij was. Vroeger ging je sneller naar de stad om kleren te kopen. Nu zijn er voor mij hoogstens twee geschikte winkels.” 

“Het Bellamypark vind ik daarentegen wel bruisend en gezellig. Ook de festiviteiten daar. En uiteindelijk kom ik altijd terug op de zee. Daarom zal ik nooit weggaan uit Vlissingen.” 

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen

Johan Houweling

Johan Houweling (55). Single, 3 kinderen. Geboren in Vlissingen. Oud-postbode. Begon – wegens inkrimping bij de PTT- acht jaar geleden een dierenspeciaalzaak in de Scherminkelstraat. 

“Dieren trokken me het meest aan. De zaak is de enige in het centrum. De ene keer moet iedereen een hamster hebben. De andere keer zijn het weer cavia’s, vogels of vissen.” 

“De laatste twee jaar verkoop ik veel muizengif en –vallen. Waar er verbouwd of gesloopt wordt, zoals het Ravesteijnplein, verplaatsen de muizen zich. Ze trekken gewoon rond.”

“Jammer dat de stad zo stil is. Ben blij dat de oliebollenkraam er nog staat. Maar op zich zijn deze maanden gezellig. De mensen kopen dan voor hun huisdier ook cadeautjes.” 

“M’n vader en moeder komen ‘s middags vaak helpen. Gewoon voor de gezelligheid. M’n vader weegt altijd het vogel- en hondenvoer af. M’n moeder staat achter de kassa.”

“Nee, op de boulevard kom ik eigenlijk nooit. Ja, met storm rij ik er wel eens over. Ben soms zeven dagen in de week in de winkel. Van 9.30 tot 17.30. Er is altijd wat te doen.”

“M’n oudste klant is 107 jaar. Heel vief. Ze zei: ik wil een kanarie. Een gele en een zanger. En dat ze hem kwam halen. Maar eerst moest ze naar een congres over 100-jarigen”.

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen