Ik ben Vlissingen

Regelmatig portretteer ik onder mijn twitteraccount @helgeprinsen in zeven tweets een Vlissinger op straat. Wekelijks verschijnt er ook een portret in de Vlissingse Bode.

Alfred Regtop

Alfred Regtop (67). Getrouwd. Geboren in Tilburg. Kapitein op de Pioneering Spirit, het grootste schip ter wereld. Die legde de Northstream2, de gaspijpleiding van Rusland naar Duitsland.

“Toen we in 2019 voorbij Vlissingen voeren, viel het voor veel mensen tegen. Het schip ziet er namelijk niet massief uit. Een soort catamaran. Twee boegen. 477 m lang. 150 m breed.”

“Ik heb Poetin drie keer ontmoet. Hij werd begeleid door een fregat, een onderzeeër en een helikopter met bewapende mannen. Minimaal drie manieren dus waarop hij weg kon komen.”

“Ook een eigen kokkin en eigen servies. Ik ben waarschijnlijk ook doorgelicht, want bij zijn andere bezoeken kon ik geen verlof krijgen. Nooit gedacht dat hij een oorlog zou beginnen.”

“Ik heb van 1972 tot 2002 in Vlissingen gewoond. Mooie tijd gehad hier. Heb altijd gezegd dat als ik terugga naar Nederland dat dat dan naar Vlissingen is. Sinds kort is dat het geval.”

“Je hoeft maar ergens te lopen of je ziet een bekende. Ik heb het gewoon druk met gedag zeggen. Kijk, daar zie ik toevallig Chris aan komen lopen. Die heb ik al lang niet gezien zeg.”

“We wonen in het centrum. Vlak bij de zee. Daar moet ik wel naartoe kunnen. Straks kan ik op het bankje bij Michiel gaan zitten. Sterke verhalen vertellen met de andere ouwe zeelui.”

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Aagje Verkerk

Aagje Verkerk (71). Getrouwd, 2 zoons. Geboren in Vlissingen. Oud-docent Engels. Woonde meer dan vijftig jaar in Groningen. Keerde kortgeleden terug naar haar roots in Vlissingen.

“Het verlangen was altijd groot en werd alleen maar groter. Dat zat hem onder meer in de paalhoofden. Als ik die ergens in het buitenland zag, schoten de tranen mij in de ogen.”

“Ik miste ook de loodsbootjes die de Schelde opvliegen. Of die meeuw die altijd op het hoofd van Michiel de Ruyter zit. Het geluid van de branding. De kleinschaligheid van de stad.”

“Vlissingen kent ook een interessante geschiedenis. Dan zie ik voor me hoe Filips II met de Spaanse vloot uit Vlissingen vertrok om nooit meer terug te keren naar de Nederlanden.”

“Ik ben vernoemd naar Aagje Deken. Mijn vader was leraar Nederlands op de Rijks-HBS. Hij had wel wat met het feminisme. Mijn moeder heette Betje. Dus toen had hij ze compleet.”

“Ben opgegroeid aan de boulevard. De glooiing was er nog niet. Ik zie me bij storm nog met mijn beren voor het raam zitten. De golven sloegen tegen de ruiten. Soms óver de flat.”

“Nu woon ik weer in hetzelfde huis. Nog elke dag, als ik gezwommen heb in het zoute water, denk ik: ik wóón hier! Groningen is prachtig, maar er gaat toch niets boven Vlissingen.”

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Anton Swennen

Anton Swennen (60). Getrouwd, 5 kinderen. Geboren in Vlissingen. Manager bij Post NL. Was tien jaar mede-eigenaar van Stadscafé De Dighter. Is daar 1 juli jl. mee gestopt.

“Wat we altijd terugkregen van de mensen was dat het zo huiselijk was. Laagdrempelig. Leukste compliment was van een vrouw die zei dat ze gewoon alleen durfde te komen.”

“Ik zit al 45 jaar bij de post. Begonnen als postbode. Veel minder brieven en kaartjes nu. Behalve in de coronatijd. Toen leverden we hele bundels af bij de verzorgingshuizen.”

“Als postbode kende ik elk hoekje en gaatje van Vlissingen. Heb de straten zien veranderen. Vlissingers hebben altijd wat te klagen, maar tegelijkertijd zijn ze trots op de stad.”

“Vlissingen timmert flink aan de weg om toeristen te trekken. Heb nooit begrepen waarom Domburg zo hot is. Alles is veel mooier hier. Warmer ook. Én een zuiderboulevard.”

“Ben in de Spuistraat geboren. We speelden vaak bij de Kazematten. Stiekem roken daar. En bij harde storm proberen op de glooiing te springen voordat de golf eraan kwam.”

“Ben verknocht aan Vlissingen. Zal er nooit weggaan. In de tunnel van de Kazematten is het zaadje gelegd voor mijn liefde voor de stad. En voor de boulevard in het bijzonder.”

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Ellen Franken

Ellen Franken (64). Samenwonend, 2 zoons. Geboren in Dordrecht. Kwam 44 jaar geleden voor de liefde naar Vlissingen. Is al jaren leesconsulent bij de bibliotheek in Vlissingen.

“Bij meerdere scholen in de gemeente Vlissingen breng ik leesplezier. Door verschillende activiteiten met boeken te bedenken, probeer ik de aandacht voor het lezen te vergroten.”

“Want het is algemeen bekend dat de leesvaardigheid helaas achteruitgaat. Mijn grote passie zijn de kinderen. Daar krijg je zoveel energie van. Je krijgt ook zoveel terug van hen.”

“De plek waar de bieb nu zit is een vertrouwde plek geworden voor iedereen. Tijdens het filmfestival is er een voorleesfeest op het strand. Paul van Loon signeert op die middag.”

“Toen ik in Vlissingen kwam wonen dacht ik: het lijkt wel een groot dorp. Ook hoe de mensen met elkaar omgaan. Het Bethesdaziekenhuis was er nog. V&D. Speckens. Alhambra.”

“Een uitgaander ben ik niet. Wel af en toe een terrasje. De boulevard leeft steeds meer. Kijk naar Pier 7. De overhangende terrassen. En de vernieuwingen die er nog aankomen.”

“De stad is in al die jaren absoluut drukker geworden. Vooral ’s zomers. Het Bellamypark. De Oude en de Kleine Markt. Het zit altijd vol. Daar word je als Vlissinger toch blij van?”

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Khaled Zarin

 

Khaled Zarin (40). 1 dochter. Geboren in Jalalabad, Afghanistan. Zijn vader was generaal, maar het gezin vluchtte na de val van het bewind in 1992 en kwam daarna in Vlissingen terecht.

“Toen we hier in onze straat arriveerden en de taxichauffeur ons de eengezinswoning aanwees, dacht ik dat hij het hele blok bedoelde. Om aan te geven hoe we in Afghanistan woonden.”

“Maar je bent jong. Je leert de taal. Maakt vrienden. En zo krijg je een veilige en goede omgeving en ga je verder. Alle kansen in mijn leven heb ik zelf gecreëerd. Of ik die nu kreeg of niet.”

“Mijn hart ligt in de sport. Heb op het allerhoogste niveau aan karate en kickboksen gedaan. Veel gewonnen. Ook EK- en WK-titels. Na mijn 32ste gestopt. Ben nu eigenaar van Gorilla Gym.”

“Sinds dit jaar hebben we het keurmerk Vechtsport Autoriteit. Ben bezig om Vlissingen beter op de kaart te zetten qua vecht- en krachtsport. Dat er weer een kampioen uit Vlissingen komt.”

“Ben van ’s ochtends tot ’s avonds in de gym. Door de sport heb ik heel veel Vlissingers leren kennen. Vlissingen is eigenlijk een klein dorp. Als ik op straat loop blijf je goedendag zeggen.”

“Verlangen naar Afghanistan is er niet. Nooit rustig geweest daar. Altijd oorlog. Ik woon in Vlissingen sinds mijn tiende jaar. Voel me ook een echte Vlissinger. Hier is gewoon mijn thuis.”

 

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Theo Post

Theo Post (72). Single. Geboren in Vlissingen. Oud-loketambtenaar op het postkantoor aan de Stenen Beer. Oud-boekhouder. Was van 1982 tot 1994 gemeenteraadslid voor de PvdA.

“Ik ben opgegroeid in de Calandstraat. Toen de buitenkant van de stad. Je kon vanaf daar de Lange Jan zien. Een en al weiland. Het Fort was er nog niet. Nu heet dat het Middengebied.”

“Tussen Bloemenlaan, Singel, Koudekerkseweg en President Rooseveltlaan stonden zeven lagere scholen. Er was toen een geboortegolf hè. Ik zat op de hervormde Juliana van Stolberg.”

“Je zag nog overal de naweeën van de oorlog. Vlissingen was arm. Veel noodwoningen, zoals aan de Singel en waar nu Ter Reede is. Alle inspanningen gingen naar de woningnood.”

“Vooral de binnenstad was ontzettend verpauperd. Burgemeester Westerhout vertelde me ooit dat hij tranen in zijn ogen kreeg toen hij destijds het centrum eens goed ging bekijken.”

“Nooit gedacht dat de Zware Plaatwerkerij zo’n mooie bestemming zou krijgen. Ik dacht echt: dit wordt slopen. Het was eigenlijk het smerigste gebouw van De Schelde dat er stond.”

“Tragisch dat er zoveel werkgelegenheid verdween toen De Schelde ophield te bestaan. Hopelijk kan de Machinefabriek ook nog iets worden. Maar Vlissingen is echt mooi geworden.”

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Saskia Geluk

Saskia Geluk (44). Samenwonend. Geboren in Vlissingen. Fleet asset administrator bij Heerema op het grootste kraanschip ter wereld. Dat zet overal boorplatforms op of breekt die af.

“Ik werk vijf weken op, vijf weken af. Mijn broer is trouwens kapitein op hetzelfde schip. Maar we doen ons eigen ding qua werk. Wel vaak samen koffie drinken tijdens pikheet. Dat wel.”

“Ik heb een toeristische opleiding gedaan. Daarna op de Disney Cruiseline gevaren. Daar heb ik mijn Australische partner Sally ontmoet. Ze woont sinds een paar maanden officieel hier.”

“Door de strenge coronamaatregelen in Australië hebben we elkaar twee jaar niet kunnen zien. Een moeilijke tijd ja. Dat je ook niet wist waar het licht aan het einde van de tunnel was.”

“Ben opgegroeid in Bossenburgh. Veel gespeeld op het bunkerterrein. Als het sneeuwde met de slee. En nu woon ik daar. Vanaf ons balkon zie je alle herkenningspunten van de stad. ”

“Collega’s zeggen vaak dat ik aan het einde van de wereld woon. De trein gaat ook niet verder. Dan moet ik altijd lachen. Ik kan overal naartoe gaan, maar dit is echt mijn thuishaven.”

“Nu ben ik Vlissingen opnieuw aan het ontdekken door de ogen van Sally. Kleine details als muurbloemen. Of de paalhoofden. En dat je je realiseert dat iedereen hier op de fiets rijdt.”

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Eva Bonneur

Eva Bonneur (46). Samenwonend, 2 zoons. Geboren in Vlissingen. Beeldend kunstenaar en grafisch vormgever. Ontwierp de posters dit jaar voor Onderstroom en Film by the Sea.

“We hebben lang in Den Bosch gewoond. Na ons eerste kind wilden we weer terug naar Zeeland. Dichter bij de familie. Dichter bij zee. Eerst dacht ik: nee, niet meer naar Vlissingen.”

“We kwamen in de herfst. Alles zag er grauw uit. Maar al snel verpandde ik mijn hart aan de stad. Je kunt alles lopen of fietsen. Naar het strand gaan is geen enorme onderneming.”

“Het is losjes en gemakkelijk in Vlissingen. Je wordt snel opgenomen. Er woont een ratjetoe aan leuke mensen. En de zilte lucht hè. Die snuif ik altijd lekker op als ik ben weggeweest.”

“Ons huis staat in de Hobeinstraat. Naast wat het winkeltje van Siebeltje was. Daar word ik nog vaak op aangesproken. Heel veel Vlissingers hebben daar als kind hun snoep gekocht.”

“Vind het altijd zo romantisch als je ’s nachts in je bed bij mistig weer de scheepshoorns kunt horen. Dan denk ik altijd aan de bemanning, op weg naar waar dan ook op de wereld.”

“Ik ben een geluksvogel dat mijn kinderen hier mogen opgroeien. Een kind heeft genoeg aan water en zand. Dat nemen ze voor de rest van hun leven mee. Gewoon helemaal gratis.”

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Jan Lust

Jan Lust (88). Weduwnaar, 2 dochters. Getogen in Amsterdam, hartje Jordaan. Voer ooit als kok op een passagiersschip van de HAL. Nam in 1960 hotel Huize Truida over van zijn oom.

“Dat heb ik 27 jaar gedaan met mijn lieve Liesje. Dat Huize hebben we er snel afgehaald, want we kregen vaak de gekste telefoontjes. Mensen die dachten dat het een sekshuis was.”

“Het was een gok om naar hier te komen. Een grote overgang voor een Jordanees. Maar we hadden geluk. Door de Deltawerken begon het toerisme naar Zeeland op gang te komen.”

“Al snel zat ik in allerlei besturen. Ben 32 jaar VVD-gemeenteraadslid geweest. Belangrijkste items: de annexatie van Souburg, de halfhoge brug, de aankoop van het Scheldekwartier.”

“Bij dat laatste ben ik echt voor rotte vis uitgemaakt. Kreeg zelfs een dreigbrief met poeder. Het was meel hoor. Zo ver ging dat. Het belang van Vlissingen stond bij mij altijd voorop.”

“Ben niet ontevreden over de ontwikkeling van de stad. De grote versnippering van de raad is jammer. Iedereen wil zijn puntje brengen hè. Maar ja, dat is democratie. Het volk spreekt.”

“Na 58 jaar boulevard woon ik nu in de toren bij Ter Reede. Erg prettig. Zelfredzaamheid is belangrijk. Pluk de dag. Blijf lachen. En luister naar elkaar. Dat is altijd mijn credo geweest.”

Geplaatst in Ik ben Vlissingen

Lianka Schepman

Lianka Schepman (65). Getrouwd. Opgegroeid in Vlissingen. Woonde 27 jaar buiten Zeeland. Rolde na haar studie Duits in de horeca. Had een restaurant in Giethoorn. Kwam in 2004 terug.

“We hadden geen werk meer en zijn auto’s gaan rijden in de haven. Heerlijk. Geen stress meer. Daarna begonnen met een opleiding voor glazenier. Ik maak en restaureer glas-en-lood.”

“Mijn vader was bibliothecaris van de Technische Bibliotheek Zeeland. Mijn moeder schooltandarts. We woonden in de Willem Klooslaan. Nieuwbouw. De uiterste rand van de stad toen.”

“Paauwenburg was er nog niet. Daar begonnen ze net met bouwen. Je zag daar de bouwkranen staan. Mijn lagere school was de VSV. Dat was een houten gebouw aan de Rembrandtlaan”.

“Toen ik in 1977 ging studeren heb ik bezworen nooit meer terug te komen naar Vlissingen. Vond de stad niet aantrekkelijk. Veel afbraak. Er was naar mijn idee ook weinig te beleven.”

“Maar 18 jaar geleden kochten we dit huis in het Groenewoud. Beneden is nu mijn atelier en een B&B. We verhuren één kamer. Onze gasten zijn eigenlijk altijd positief over Vlissingen.”

“Je hebt alles in Vlissingen en als het Scheldekwartier klaar is komen er ook meer voorzieningen en winkels lijkt me. Hier wil ik oud worden. Dat had ik in 1977 nooit kunnen bedenken.”

Geplaatst in Ik Ben Vlissingen